|
|
|
Lief dagboek
Ik heb vannacht toch zo naar gedroomd! Ik zat weer in de klas, naast Bert. Een heel andere Bert dan de man waar ik samen Wageningen mee bestuur, dagboek. 'Trek eens aan m'n vinger, Kees', was het eerste wat hij zei. En toen ik dat deed liet hij een enorme scheet. Iedereen moest lachen, behalve ik. Zelfs de meester had dikke schik. Het was Philippe Busquin, de eurocommissaris voor de wetenschappen. De tranen rolden over zijn wangen.
'Die Bert', zei hij. 'Hij sleept niet alleen miljoenen aan europrojecten binnen, maar je kunt ook verschrikkelijk met hem lachen.' Ik wilde zeggen dat lang niet al die projecten bij Berts stuk van Wageningen kwamen, maar toen deed de hoofdmeester de deur open. Het was Jan Peter Balkenende, dagboek. En hij keek nogal somber.
'Ik moet helaas bekendmaken dat onze Kees tien procent moet bezuinigen', zei hij. 'En daarbij...'
'Lieve help', onderbrak meester Busquin. 'Je gaat toch niet vertellen dat Bert ook moet inleveren?'
Hoofdmeester Balkenende glimlachte. 'Gelukkig niet, Philippe. Als je het goed berekent krijgt Bert er zelfs nog wat centjes bij.'
De hele klas klapte. 'Lang leve Bert', juichten ze. Meester Busquin klopte Bert op z'n schouder en hoofdmeester Balkenende gaf hem een hand. 'Wil je dat we een liedje voor je zingen?', vroeg de meester aan Bert.
Bert moest even nadenken en keek toen heel vals naar mij. 'Ik zou graag willen dat Kees een liedje voor me zong', zei het crapuul. 'Kees alleen.'
En toen ik opstond, lief dagboek, toen zag ik dat ik een korte broek aanhad.
18.09.2003
|