Deze website gebruikt cookies. Als je wilt weten wat dat zijn, en wat voor consequenties dat heeft, klik dan hier. Als je niets van die cookies moet hebben, klik dan hier.

Willem Koert.nl

Nieuw | Over mij | Contact | Blogs

Opgepoetst | 6-7-2019

Nederland ziet gentechnologie niet zitten, zegt Terlouw

Nederland heeft weinig op met gentechnologie. Niet uit principes, maar uit vrees voor onvermoede neveneffecten. Dat rapporteerde de commissie Terlouw woensdagmiddag aan landbouwminister Laurens Jan Brinkhorst. Volgens de commissie moet er nog heel wat gebeuren voordat de Nederlanders de nieuwe technologie vertrouwen.

Sinds januari 2001 heeft de commissie Terlouw het maatschappelijk debat over gentechnologie aangezwengeld. Via een website, lezingen en discussieavonden, advertenties in bladen en kranten riep de commissie iedereen op te reageren. In totaal gingen ongeveer dertigduizend Nederlanders op die uitnodiging in. Daarnaast liet de commissie honderdvijftig representatieve leken intensiever debatteren over gentechnologie, en verzamelden de commissieleden zelf informatie.

De Wageningse inbreng in de commissie was aanzienlijk. De Wageningse prof. Frans Kok van de sectie Humane Voeding en Epidemiologie [Link] was lid, en tot de deskundigen die de commissie van informatie voorzagen behoorden onder meer prof. Jan Koeman, dr Harry Kuiper van Rikilt en prof. Marcel Dicke [Link].

De Nederlanders blijken vooral bang te zijn dat gentechnologie schadelijk is voor de gezondheid. Ze staan nauwelijks stil bij de gevolgen van gentechnologie voor het milieu, terwijl daar de vragen legio zijn, aldus voorzitter Jan Terlouw. "Hoe lang blijven genplanten, die hun eigen bestrijdingsmiddelen aanmaken resistent? Wat gebeurt er met de natuur als je massaal resistente gewassen gaat verbouwen? Worden ook nuttige organismen het slachtoffer? Dat soort informatie is er niet." Over wat gentechplanten veranderen in de bodem is zelfs helemaal niets bekend. [Link]

Maar ook met een goede wetenschappelijke controle zijn er grenzen aan wat er met gentechnologie in Nederland mogelijk is, vindt de commissie. Nederland is zo klein, dat de kans op het verspreiden van gentechgenen naar wilde planten of reguliere gewassen levensgroot aanwezig is. Voor de meeste gentechgewassen is er daarom geen plaats in Nederland. Alleen voor knollen, zoals aardappelen, [Link] maakt de commissie een uitzondering.

"Uit de discussies bleek dat er geen draagvlak is voor gentechnologie bij dieren", zegt Frans Kok. "Bij planten was die er wel, maar alleen onder strikte voorwaarden." Zo moeten consumenten altijd kunnen kiezen voor niet-gemodificeerde producten, en moet de controle op genplanten in handen zijn van onafhankelijke wetenschappers, zonder banden met het bedrijfsleven.

Dat laatste is een probleem. De - overwegend Wageningse - wetenschappers die gentechgewassen ontwikkelen werken ook voor instellingen als Cogem, die de risico's van die nieuwe gewassen moeten beoordelen. Die dubbelrol is onwenselijk.

Meer over de conclusies van de commissie Terlouw vind je hier.

Weekblad voor Wageningen UR, 10 januari 2002.




Gemaakt in Kladblok. WordPress is voor mietjes.