|
Opgepoetst | 2-1-2020 Ree krijgt kanker door kerstboom
'Normaliter zijn dieren die in het wild leven kerngezond', zegt dr Sip van Wieren van de Resource Ecology Group van Wageningen Universiteit. 'Als je dan hoort van jagers dat ze opvallend veel zieke dieren schieten met leverkanker, dan is er iets bijzonders aan de hand.'
Van Wieren en zijn collega's sloten onlangs een onderzoeksproject af naar de gezondheid van reeen in het gebied van Kielder Forest, op de grens van Engeland en Schotland.
'Het gebied bestaat uit een groot door mensen aangeplant bos van fijnsparren', beschrijft Van Wieren. 'Het is een monocultuur van kerstbomen, zullen we maar zeggen. Het is zestigduizend hectare groot en er zitten veel reeen. Dat is op zich al merkwaardig, want er groeien verder weinig andere planten, omdat de grond arm is.'
De Wageningers vroegen zich daarom af waar de reeen van leefden. Toen ze de uitwerpselen onderzochten ontdekten ze dat meer dan de helft van het dieet van de dieren uit fijnspar bestond. 'Nu is er een Pools onderzoek naar elanden waaruit blijkt dat die een grotere sterftekans hebben als ze veel fijnspar eten', zegt Van Wieren. 'En jagers vertelden al dat ze in Kielder Forest vaak reeen schieten met leverkanker.'
Een vergelijkend onderzoek bevestigde het verband. In een vergelijkbaar gebied, Galloway Forest, kwam leverkanker beduidend minder vaak voor. Ook daar groeide vooral fijnspar, maar de bodem was rijker. In de schaarse stukken die niet met een monocultuur zijn beplant groeien meer andere soorten planten. Dat verklaart waarom volgens analyse van de uitwerpselen van de reeen het dieet van de dieren minder fijnspar bevat dan het dieet van de dieren in Kielder Forest.
'We hebben nog gespeculeerd welke stof in fijnspar de leverkanker misschien veroorzaakt', zegt Van Wieren. 'In de literatuur stuitten we op alpha-hexanal, een stof die leverkanker kan veroorzaken en ook in fijnspar zit. Maar het directe verband tussen alpha-hexanal en kanker bij reeen is nog niet aangetoond.'
Het Wageningse onderzoek is gepubliceerd in The Veterinary Record.
Weekblad voor Wageningen UR, 14 oktober 2004.
|