Deze website gebruikt cookies. Als je wilt weten wat dat zijn, en wat voor consequenties dat heeft, klik dan hier. Als je niets van die cookies moet hebben, klik dan hier.

Willem Koert.nl

Nieuw | Over mij | Contact | Blogs

Opgepoetst | 30-6-2019

Profiel | Agromisa

Aantal werknemers 7 betaalde krachten, 50 vrijwilligers
Jaaromzet een miljoen gulden
Locatie Duivendaal 7/8, Wageningen
URL agromisa.org
Rechtsvorm stichting

Taakveld Agromisa wil kleine boeren in Afrika, Azie en Zuid-Amerika helpen hun bestaan te verbeteren door ze te voorzien van kennis. Boeren met vragen kunnen die, via organisaties als kerken en ontwikkelingsorganisaties, voorleggen aan Agromisa. Die probeert ze vervolgens te beantwoorden. De stichting verspreidt daarnaast documenten met nieuwe agrarische kennis en zet projecten op.

Toekomst Agromisa ontwikkelt zich van een vrijwilligersorganisatie naar een organisatie met een klein professioneel kader, dat parttime aan de stichting is verbonden en gebruik maakt van vrijwilligers. Financieel gezien gaat het de organisatie voor de wind.

Uitdaging In Wageningen neem het aantal studenten af, er zijn vooral minder tropenstudenten en de arbeidsmarkt is goed. Agromisa heeft daardoor steeds meer moeite om aan vrijwilligers te komen. Nu zijn dat er ongeveer vijftig. Dat waren er enkele jaren geleden twee keer zoveel.

Relatie met Wageningen UR Katholieke studenten richtten een kleine zeventig jaar geleden Agromisa op om missionarissen te helpen, die kennis nodig hadden voor hun ontwikkelingsprojecten. Inmiddels is Agromisa geen kerkelijke organisatie meer, maar nog steeds heeft praktisch iedereen die voor Agromisa werkt een Wageningse achtergrond.

De Derde Wereld heeft geen Westerse kennis meer nodig. Universitair geschoolde ingenieurs uit het Westen hebben boeren op het zuidelijk halfrond niets nieuws meer te vertellen, en het doek voor ontwikkelingswerk oude stijl is bezig te vallen. Daarom heeft Agromisa de bakens verzet, vertelt ir Marijke Kuipers, sinds 1997 directeur van stichting. "Westerlingen die komen vertellen hoe het moet, dat werkt niet meer", zegt ze. "Kleine boeren hebben meer aan de praktijkkennis van andere boeren."

Groepen kleine boeren die een probleem op hun bedrijven of hun akkers hebben opgelost, hebben vaak kennis verworven die ook voor andere boeren nuttig kan zijn. Ook al wonen die letterlijk in een ander werelddeel. Agromisa begint in 2002 aan het project Networking for Agricultural Knowledge Sharing, waarin veldwerkers kennis verzamelen en opslaan in een databank. Via het internet, maar ook via boeken en folders, moet die kennis vervolgens bij andere boeren komen. Het project moet drie jaar duren, en gaat lopen in India, Kenia en Zambia.

Bestaat die traditionele, collectieve kennis over het boerenbedrijf eigenlijk nog wel? Heeft de modernisering de context waarin die kennis ontstaat niet al lang de nek omgedraaid? Voor Kuipers is dat geen relevante vraag. "De kleine boeren waar wij ons op richten, wonen in marginale gebieden met een onvruchtbare bodem. De wetenschap en bedrijven hebben geen kennis opgebouwd die vertelt hoe je daar moet boeren. Daarvoor zijn deze gebieden nooit interessant genoeg geweest." In dat geval is er voor lokale kennis geen alternatief.

Agromisa gaat veldwerkers trainen, zodat ze lokale kennis kunnen herkennen en vastleggen. "Ook de ervaringen van de veldwerkers zelf zijn interessant genoeg om op te slaan", zegt Kuipers.

Een ander heet hangijzer binnen Agromisa is biodiversiteit. Binnenkort start de stichting een project waarin juristen de gevolgen van gentechnologie voor kleine boeren gaan onderzoeken. "Stel je voor dat een groot Amerikaans bedrijf ergens in de buurt van traditionele boeren veel gemodificeerde zaden verkoopt", geeft Kuipers als voorbeeld. "En stel nu dat de nieuwe genen door bestuiving in de gewassen van onze boeren terechtkomen. Kan dat bedrijf de boeren dan aanklagen? In Canada is dat al eens gebeurd."

Weekblad voor Wageningen UR, 29 november 2001.




Gemaakt in Kladblok. WordPress is voor mietjes.