|
Opgepoetst | 1-8-2026 Beetje lichaamsvet nodig voor spiergroei Een beetje onderhuids vet is goed voor je spieren. Die conclusie trekken onderzoekers van Colorado State University uit hun proeven met muizen. Inderdaad, muizen zijn geen mensen. Maar toch beschouwen wij het Amerikaanse onderzoek als een stille wenk voor al die overenthousiaste bodybuilders die het liefste continu rondlopen met een vetpercentage van minder dan drie procent.
Een beetje bodybuilder gruwt van lichaamsvet. Zo vurig als het verlangen is naar meer spieren, zo groot is de afkeer van lichaamsvet. Veel bodybuilders vinden elk stukje van hun lichaam dat ze niet kunnen aanspannen lelijk. En als ze die spieren spannen, dan willen ze de strepen op hun spieren kunnen zien. En dat gebeurt pas als hun vetpercentage zakkt tot onder de vier procent.
Ongezond bezig
En, als je het onderzoek van Michelle Foster en haar medewerkers van Colorado State mag geloven, is dat ook niet goed voor je spieren.
Als je meer calorieën in je lichaam stopt dan het verbrandt, dan bouw je uiteindelijk lichaamsvet op. En dat is eerlijk gezegd een goede zaak. Als glucose te lang en in te hoge concentraties in de bloedbaan blijft circuleren, wordt het giftig.
Een langdurige hoge glucosespiegel kan eiwitten gaan aantasten en als gevolg daarvan kunnen bijvoorbeeld je bloedvaten beschadigen of kan je netvlies troebel worden. Als het lichaam glucose kan opslaan in vetweefsel, dan kan het in ieder geval geen vitale eiwitten beschadigen. Vetweefsel is dus, behalve een energiedepot ook een metabool afvoerputje. Verdraaid nuttig.
Als vetreserves in de buikholte alsmaar groter worden, worden ze op een gegeven moment 'slecht'. Grote klonten buikvet vergoten de kans op zo ongeveer elke denkbare chronische ziekte. Dat komt waarschijnlijk omdat buikvet ontstekingsfactoren als tumor necrose factor-alpha en interleukines aanmaakt. Die eiwitten maken spiercellen doof voor anabole hormonen, werken suikerziekte in de hand en stimuleren kankercellen.
Maar onderhuids vet, dan is een ander verhaal.
Vetlaagje beschermt spieren
"Onderhuids vet beschermt de spieren die daaronder liggen", vertelde Foster in een persbericht. "Haal je dat vet weg, dan zie je dat het lichaam vet gaat opslaan in de spieren. Bovendien verliezen de spieren hun gevoeligheid voor insuline."
De beide processen die Foster noemt zijn negatief. Spierweefsel dat veel vet opslaat is minder goed van kwaliteit. Het is minder sterk en kwetsbaarder voor blessures. Spieren die slecht reageren op insuline nemen moeilijker voedingsstoffen op en groeien moeizamer.
Hoe het door Foster ontdekte effect in elkaar steekt. is nog niet helemaal helder. Maar duidelijk is dat spieren een beetje onderhuids vet nodig hebben om optimaal te functioneren.
3 tot 4 procent lichaamsvet
Mentale vermoeidheid, snel last van kou, blauwe plekken en een droge huid zijn de eerste symptomen van een te laag vetpercentage, net als het verdwijnen van de zin in seks, een verminderde weerstand tegen ziekten of pijnlijke voeten, waarschijnlijk als gevolg van het verdwijnen van het onderhuidse vetweefsel in de voetzool. Over die effecten lees je ook wel eens op de bodybuildingboards, waar atleten vertellen over hun praktijkervaringen met een laag vetpercentage.
Op de lange termijn kan een te laag vetpercentage zelfs leiden tot ernstige schade aan het zenuwstelsel, het skelet en de organen. Er zijn zelfs wel eens gevallen geweest waarin mensen overleden door een te laag vetpercentage. Daarover is op de boards gelukkig nog niks te vinden.
Handboeken melden vaak dat vrouwen al gezondheidsproblemen kunnen krijgen als hun vetpercentage beneden de 11-13 procent komt. Bij dat vetpercentage stopt hun menstruatie, maar van al die andere symptomen die we eerder noemden is dan nog geen sprake.
Adipokines
Die theorie was te simpel, zeggen onderzoekers nu. Zij zien onderhuids vet niet meer uitsluitend als een metabool afvoerputje, maar ook als een orgaan dat onmisbare signaalstoffen afgeeft. Adipokines, heten ze.
Een grondig bestudeerde adipokine is het in de jaren negentig van de vorige eeuw ontdekte leptine.
Lichaamsvet produceert leptine, maar die afgifte wordt minder naarmate dat vetweefsel kleiner wordt. Als er te weinig leptine circuleert, werkt het immuunsysteem niet meer optimaal en stokt de aanmaak van hormonen als testosteron en estradiol.
Het zou zomaar kunnen dat de gezondheidseffecten van een extreem laag vetpercentage het gevolg zijn van een lage aanmaak van leptine – of van een andere adipokine. Er zijn er al heel veel ontdekt. Een overzichtsartikel uit 2012 telde er maar liefst zeshonderd. En daar zullen er heel wat bij zitten die voor je lichaam belangrijk zijn...
Eigen Kracht, 10 maart 2015. |