|
Opgepoetst | 8-9-2024 Hoe problematisch is kaatsutraining?
Je zou het niet zeggen als je de TV-shows over afslanken en vetzucht ziet, maar afvallen is niet erg gezond. Behalve dan als je afslankt zoals krachtsporters dat doen - in combinatie met een portie stevige gewichttraining.
Even het geheugen opfrissen. Kaatsutraining is het geesteskind van de Japanse bewegingswetenschapper en bodybuilder Yoshiaki Sato. Sato ontdekte de methode toen hij in 1966 tijdens een Boeddhistische ceremonie zolang gehurkt moest zitten dat de bloedtoevoer naar zijn kuiten werden afgeklemd. Hij realiseerde zich dat zijn kuiten aanvoelden alsof hij ze zojuist had getraind - en kwam op het idee om te gaan trainen met afgebonden spieren.
Het duurde jaren voor Sato zijn trainingsvorm had geperfectioneerd. Het was niet de bedoeling om met riempjes de bloedtoevoer volledig af te snijden. De bloedtoevoer stremmen was voldoende. Gewone krachttraining met afgebonden bloedvaten was te zwaar en in plaats daarvan ging Sato trainen met gewichten waarmee hij 30 reps kon maken. Al snel ontdekte hij dat hij daardoor een toename in spierkracht en spiermassa bewerkstelligde die normaliter met zo'n lage intensiteit onmogelijk is.
Kaatsu niet voor iedereen
De publicatie beschrijft een experiment waarin de onderzoekers drie groepen mannen 6 weken lieten trainen met gewichten, en een vierde groep niks lieten doen. Die laatste groep was de controlegroep. De mannen hadden nog niet eerder serieus aan krachttraining gedaan. De trainingsgroepen gingen 3 keer per week naar de sportschool. De eerste trainingsgroep volgde een reguliere methode. Elke training bestond uit een paar sets van maximaal 10 reps bankdrukken.
De kaatsugroep trainde even vaak als de reguliere groep, en beperkte zich per training ook tot een paar sets bankdrukken, net als de reguliere groep. De proefpersonen kregen banden om hun armen die elke training een beetje strakker werden opgepompt, tot ze uiteindelijk een druk van 160 mmHg uitoefenden. Met afgeknepen vaten maakten de mannen eerst een set van 30 reps en daarna 3 sets van 15 reps. Ze rustten een halve minuut tussen hun sets.
De derde groep trainde twee keer per week volgens de kaatsumethode, en één keer per week op de reguliere manier. Toen de 6 weken voorbij waren was de 1RM van de mannen in de reguliere krachttrainingsgroep het meeste toegenomen. Op de tweede plaats kwam de combinatiegroep, op de derde plaats de kaatsugroep. Wat de spiermassa betreft deden de drie trainingsgroepen het allemaal even goed.
Conclusie
Het is al heel vaak gezegd en wij zeggen het nog maar een keer. In de krachtsport is er geen volwaardig alternatief voor hard trainen met zware gewichten.
Eigen Kracht, 2 mei 2011.
|