|
Opgepoetst | 3-10-2020 Vitaal jodium | Suppletie is niet zonder risico's
Volgens sommige natuurartsen krijgen de meeste Nederlanders minder jodium binnen dan eigenlijk zou moeten. Zijn supplementen met extra jodium de oplossing?
Sommige complementaire behandelaars adviseren hun clienten het gebruik van supplementen met extra jodium. Die zouden de vermeende tekorten aan jodiumverbindingen in onze voeding moeten opheffen, en voorkomen dat jonge kinderen achterblijven in hun mentale ontwikkeling of volwassenen door een te lage stofwisseling dik worden.
De kans op overdosering van jodium, aldus sommige overtuigde behandelaars, is nihil. Een eventueel overschot verlaat via de nieren het lichaam, aldus de behandelaars. En dus adviseren ze kinderen een dagelijkse aanvulling van 350 microgram extra jodium, en volwassenen 750 microgram.
Clienten die er niet helemaal op gerust zijn krijgen te horen dat Japanners dagelijks 25 keer meer jodium consumeren dan Nederlanders, zonder dat hun gezondheid daaronder lijdt. Deze behandelaars gaan voorbij aan de vele haken en ogen die aan jodiumsuppletie zitten. In dit artikel nemen we er een paar onder de loep.
Jodiumdeficientie
Schildklierhormonen zijn onontbeerlijk voor groei- en energieprocessen. Als ongeboren of jonge kinderen te weinig schildklierhormonen aanmaken komt de ontwikkeling van hun hersenen in gevaar, en kan hun intelligentie verminderen. Cretinisme, heet een extreme variant van dat verschijnsel.
Maar ook bij minder dramatische tekorten aan jodium hebben gezondheidseffecten, zoals vruchtbaarheidsstoornissen bij vrouwen, spierzwakte, vermoeidheid, overgevoeligheid voor kou, constipatie, depressie, overgewicht en een lage hartslag.
Het klassieke verschijnsel van jodiumtekort is een vergrote schildklier. Die ontstaat doordat de hypofyse in de hersenen de te lage schildklierhormoonspiegel met wisselend succes probeert te compenseren door een verhoogde aanmaak van het hormoon TSH (een afkorting voor thyroid-stimulerend hormoon). TSH stimuleert de afgifte van schildklierhormonen en de groei van de schildklier zelf.
De WHO en de Verenigde Naties maken zich sterk voor programma's die jodiumtekort opheffen. In die programma's voegen fabrikanten jodium toe aan bijvoorbeeld zout of meel. Suppletieprogramma's die in landen milde vormen van jodiumdeficientie verhelpen laten het gemiddelde IQ van kinderen met bijna 10 punten laten stijgen, hebben wetenschappers wel eens becijferd.
In gebieden met ernstiger vormen van jodiumdeficientie, waar een tekort aan jodium leidt tot de geboorte van lichamelijk en geestelijk gehandicapte kinderen, is de gezondheidswinst nog groter. 'Jodiumsuppletie is investeren in een toekomstige generatie', placht de in 2004 overleden Wageningse voedingswetenschapper Clive West te zeggen.
In de meeste gebieden zit er in het water en de bodem zo weinig jodium dat een frequente inname van vis, schelpdieren en zeewieren een vereiste is om in de dagelijkse jodiumbehoefte van 130 tot 200 microgram te voorzien.
Omdat maar weinig mensen zeeproducten eten, is jodiumdeficientie onvermijdelijk. Dat geldt ook voor Nederland. Daarom verplichtte de overheid in 1963 jodiumverbindingen in bakkerszout te stoppen.
Bakkerzout zit in zoveel soorten brood, vleeswaren en broodvervangers dat de meeste Nederlanders voldoende jodium binnenkrijgen, concludeerde de Gezondheidsraad in 2008.[1] Dat wil niet zeggen dat de complementaire behandelaars die clienten behandelen voor een tekortschietende jodiuminname spoken zien. Misschien is het beeld onvolledig, erkent de Gezondheidsraad zelf. 'Er ontbreken gegevens over mensen die alleen zelfgebakken of biologisch brood eten, waaraan mogelijk ongejodeerd zout of zeezout is toegevoegd.' In die groep is de kans op jodiumdeficientie niet denkbeeldig.
In elk land waar jodiumverrijking plaatsvindt zijn er groepen die toch onvoldoende jodium binnenkrijgen. In de VS, waar zuivel een van de belangrijkste voedingsbronnen van jodium is, zijn dat bijvoorbeeld veganisten. Amerikaanse voedingswetenschappers denken dan ook dat veganisten bovenop hun voeding via suppletie nog eens 150 microgram jodium per dag extra zouden moeten binnenkrijgen.
Meer risicofactoren
Door goitrogenen kan een hoge consumptie van koolgroenten in die regio's bijvoorbeeld de kans op schildklierkanker verhogen.[2] Dat gebeurt waarschijnlijk doordat koolgroenten indirect de aanmaak van TSH verhogen. Zoals we hierboven al vertelden, stimuleert TSH de aanmaak van schildklierhormoon of, als de schildklier daartoe niet in staat is, de groei van de schildklier zelf. Daardoor neemt de kans op het ontstaan van schildklierkanker toe.
Doorsnee-Nederlanders die veel koolgroenten eten lopen geen risico. Onderzoekers hebben proefpersonen in de jaren tachtig wel eens vier weken lang elke dagen spruitjes laten eten [de koolgroente met de hoogste concentratie van goitrogenen] zonder enig effect op het functioneren van de schildklier.[3] Die studie laat echter de mogelijkheid open dat een hoge koolconsumptie bij kwetsbare groepen de kans op schildklierproblemen verhoogt.
Een tweede risicofactor is een te lage inname of een te hoge van selenium. Selenium is nodig voor enzymen die op hun beurt nodig zijn voor het functioneren van schildklierhormonen in de cellen. Het klinkt paradoxaal, maar een lage inname van selenium kan de gevolgen van een tekort aan jodium tot op zekere hoogte opvangen. Eenzijdig aanvullen van selenium leidt in zo'n situatie tot een vergroting van de schildklier en een keur van andere complicaties.[4]
Van hypo- naar hyperthyreoidie
Omdat veel producenten meerdere kelptabletten per dag adviseren is de kans op een overmatige jodiuminname bij kelpgebruikers reeel.
Onderzoekers van de Inspectie voor de Gezondheidszorg beschreven een geval van een vrouw die dagelijks zes kelptabletjes slikte en daardoor na een maand in de problemen kwam.[5] De vrouw merkte dat ze gespannen werd. Ze kreeg slaapproblemen, kreeg hartkloppingen en kon niet meer goed tegen de hitte. Dat zijn, naast spierzwakte, beven, onrust, gewichtsverlies en een vergroting van de schildklier klassieke kenmerken van een overmatige aanmaak van schildklierhormonen.
Het incident staat niet op zichzelf.[6] In de literatuur zijn ook gevallen omschreven waarin patienten teveel schildklierhormoon gingen aanmaken omdat ze op aanraden van een complementair behandelaar kelpthee waren gaan drinken[7] of omdat een supplement was verontreinigd met enkele honderden microgrammen jodium.[8]
De overweldigende meerderheid van de honderden gedocumenteerde gevallen waarin toediening van extra jodium uitmondde in een overmatige aanmaak van schildklierhormoon staan in evaluatiestudies van grote jodiumverrijkingsprogramma's. Overal waar zulke programma's zijn uitgevoerd, in arme en in rijke landen, stuitten artsen op individuen die op de verbetering van hun voeding in eerste instantie overreageren.
Meestal zijn die gevallen van hyperthyreoidie van voorbijgaande aard. Desondanks staan ze in schril contrast met de situatie in Japan. Alleen al via van zeewier gemaakte voedingsmiddelen als konbu, wakame en nori krijgt de gemiddelde Japanner dagelijks 1200 microgram jodium binnen.[9]
In het verleden was de jodiuminname in Japan trouwens nog hoger. Oudere studies suggereren dat de dagelijkse jodiuminname in het nabije verleden in Japan in sommige regio's enkele tientallen milligrammen bedroeg.
Dat niet alle Japanners een te hard werkende schildklier hebben, komt omdat hun lichaam aan hun hoge jodiuminname gewend is. In experimenten heeft de toediening van 2000 microgram jodium in Japanners geen effect op de schildklier. Als de onderzoekers zo'n dosis aan een groep willekeurige Nederlanders geeft, waren ze waarschijnlijk tot een andere conclusie gekomen.
Mensen die langere tijd te weinig jodium binnenkrijgen zijn nog gevoeliger dan doorsnee-Nederlanders. Hun lichaam heeft de te lage jodiuminname gecompenseerd door via hun TSH hun schildklier harder te laten werken. In sommige gevallen kan daardoor hun schildkier zijn vergroot, en is er sprake van wat artsen multinodular thyroid disease noemen. De schildklierhormoonspiegel kan dan normaal zijn.
Het verhogen van de jodiuminname tot het gewenste niveau kan in dat geval leiden tot een overmatige aanmaak van schildklierhormoon.[10] Dat zal zeker gebeuren bij het gebruik van hoog gedoseerde jodiumsupplementen, bijvoorbeeld in de vorm van kelp.
Kruiden
Dat gebeurde bijvoorbeeld met een Nederlandse vrouw van 32 jaar, die in enkele weken maar liefst tien kilo afviel toen ze ashwagandha gebruikte.[11] Haar eetlust was normaal, maar ze trilde, ze had hartkloppingen en ze was verward. De vrouw had meer schildklierhormoon in haar bloed dan artsen gezond achten. Vier weken nadat de vrouw het supplement had laten staan waren haar klachten verdwenen.
Kennelijk kunnen verbindingen in Ashwagandha de werking van TSH imiteren. Vergelijkbare verbindingen zitten waarschijnlijk ook in guggul (Commiphora mukul).[12]
Veilig alternatief
IJzer en selenium zijn nodig voor respectievelijk de synthese van schildklierhormoon en de werking van het hormoon in de cellen. Vitamine A vermindert tenslotte de kans dat de jodiumsuppletie leidt tot een te hoge activiteit van de schildklier. De vitamine remt in de hypofyse de aanmaak van het hormoon TSH.[13]
Complementaire behandelaars kunnen misschien iets leren van de aanpak die voedingswetenschappers voor arme landen hebben ontwikkeld, ook al is de situatie daar anders dan hier. In een redelijk gedoseerd multivitaminepreperaat zitten ijzer, selenium, vitamine A en jodium. De hoeveelheid van die laatste stof is toch al snel zo'n 125-150 microgram. Dat moet genoeg zijn om eventuele jodiumdeficienties op te heffen.
De kans dat een multivitaminepreparaat bijwerkingen heeft is, anders dan bij preparaten op basis van zeewieren het geval is, nihil. Bovendien zijn de kosten van zo'n preparaat bescheiden.
Referenties
1. Gezondheidsraad. Naar behoud van een optimale jodiuminname. Den Haag: Gezondheidsraad, 2008; publicatienr. 2008/14.
Supplement, januari 2012.
|