Deze website gebruikt cookies. Als je wilt weten wat dat zijn, en wat voor consequenties dat heeft, klik dan hier. Als je niets van die cookies moet hebben, klik dan hier.

Willem Koert.nl

Nieuw | Over mij | Contact | Blogs

Opgepoetst | 10-4-2019

Hoe koffie cholesterol verhoogt

Onderzoekers weten al jaren dat ongefilterde koffie de concentratie vetachtige stoffen in het bloed verhoogt, en daardoor de kans op hart- en vaatziekten laat toenemen. Hoe dat precies in zijn werk gaat, dat was niet duidelijk. Totdat de Wageningse onderzoekers drs Mark Boekschoten zich ermee is gaan bemoeien.

Boekschotens onderwerp is niet direct van belang voor de modale Nederlandse koffiedrinker. Die drinkt gefilterde koffie waarin maar weinig van de stof zit die de concentratie van het slechte cholesterol LDL en de eveneens ongezonde triglyceriden in het bloed laat oplopen. Dat is cafestol.

'In pruttelkoffie en espresso zit naar verhouding veel cafestol', zegt Boekschoten. 'Maar in filterkoffie vind je het nauwelijks.' In Scandinavische landen, waar het drinken van gekookte koffie was ingeburgerd, leverde koffie een significante bijdrage aan het aantal hart- en vaatziekten. Toen onderzoekers als Martijn Katan het effect ontdekten, begonnen ook de Scandinaviers over te stappen op andere koffie.

'Cafestol is een bijzondere stof', zegt Boekschoten. 'Het is een stof in de voeding, maar met een impact die je verwacht van een farmacologische stof. Als we achterhalen hoe cafestol dat doet, dan ontdekken we misschien meer stoffen in voeding met z'’n effect, of met een effect dat precies tegenovergesteld is.' Boekschoten sluit niet uit dat meer kennis over cafestol leidt tot betere medicijnen.

Boekschoten ontdekte dat cafestol een receptor prikkelt waarmee de lever de concentratie galzuur in de gaten houdt. Gaat die concentratie omhoog, dan prikkelt het galzuur vaker de galzuurreceptor. Die geeft dan een signaal aan de levercel dat de aanmaak van galzuur door de lever vermindert.

In reageerbuisstudies misleidt cafestol de galzuurreceptor en laat de lever bij wijze van spreken denken dat de aanmaak van galzuur omlaag kan. Dat heeft direct gevolgen voor de cholesterolspiegel, zegt de onderzoeker. 'De gal is voor het lichaam dé manier om cholesterol kwijt te raken. De lever maakt galzuur van cholesterol, en scheidt galzuur samen met cholesterol weer uit via het spijsverteringskanaal. Neemt de aanmaak van galzuur af, dan stijgt de hoeveelheid cholesterol in de lever en uiteindelijk in het bloed.'

Boekschoten werkte samen met de Universiteit van Leiden en Baylor College of Medicine in Houston, Texas. Hij promoveerde op 10 november bij prof. Martijn Katan, persoonlijk hoogleraar bij de afdeling Humane voeding van Wageningen Universiteit.

Weekblad voor Wageningen UR, 13 januari 2000.




Gemaakt in Kladblok. WordPress is voor mietjes.